woensdag 16 maart 2016

Klein Orkest - 26 000 dagen

https://www.youtube.com/watch?v=cgijwhDuNbQ&gl=BE

Kinderen die mogen spelen, in luchtkastelen, 
Die bestaan en nooit zullen vergaan 
Woh, woh, woh, woh! {tegenstem} 
Vroeg of laat gaat zand vervelen, 
Moet je daar niet blijven spelen, 
Je kunt als je wilt ook opzoek naar de rand {tegenstem} 
Van de zandbak gaan. 

Jong zijn dat is uitproberen, leren balanceren, 
Blijven staan, vallen verdergaan. 
Woh, woh, woh, woh! {tegenstem} 
Je kunt volwassen willen lijken, 
Alvast naar rijtjeshuizen kijken, 
Je kunt als je telt voor hetzelfde geld {tegenstem} 
Naar 't eind van de wereld gaan. 

Ref. 
Je hebt zo'n 26 duizend dagen, 
Tussen niets en eeuwigheid. Eeuwigheid {tegenstem} 
Je kunt lachen, je kunt klagen, 
Maar elke dag ben je voor eeuwig kwijt. 
Je hebt zo'n 26 duizend dagen, {tegenstem} 
Tussen niets en eeuwigheid. Eeuwigheid {tegenstem} 
Je kunt lachen, je kunt klagen, 
Maar elke dag ben je voor eeuwig kwijt. 

Volwassen evenwichtig lijken, niks laten blijken, 
Nog geen traan, maar twijfel blijft bestaan. 
Woh, woh, woh, woh! {tegenstem} 
Gelukkig zijn is uit de mode, 
Zomaar lachen streng verboden, 
Je kunt ook, hup, voor de lol nog een keer {tegenstem} 
Gewoon op je kop gaan staan. 

Eenmaal oud en grijs geworden, in bejaardenoorden 
Van de baan op een zijspoor staan. 
Woh, woh, woh, woh! {tegenstem} 
Klaverjassend tijd verkwisten, 
Laat je niet voortijdig kisten, 
Je kunt als je wil ook gewoon zonder pil {tegenstem} 
Lekker aan 't vrijen slaan. 

Ref. 
Je hebt zo'n 26 duizend dagen, 
Tussen niets en eeuwigheid. Eeuwigheid {tegenstem} 
Je kunt lachen, je kunt klagen, 
Maar elke dag ben je voor eeuwig kwijt. 
Je hebt zo'n 26 duizend dagen, {tegenstem} 
Tussen niets en eeuwigheid. Eeuwigheid {tegenstem} 
Je kunt lachen, je kunt klagen, 
Maar elke dag ben je voor eeuwig kwijt. 

26 duizend dagen {tegenstem herhaalt dir, terwijl Jekkers telt:} 
1,2,3,4,5,6,7,8,9,10,11,12,13,14,15,16,17,18,19,20,21,22,23,24,25,26! 

26 duizend dagen, 
Tussen niets en eeuwigheid. Eeuwigheid {tegenstem} 
Je kunt lachen, je kunt klagen, 
Maar elke dag ben je voor eeuwig kwijt. 
Je hebt zo'n 26 duizend dagen, {tegenstem} 
Tussen niets en eeuwigheid. Eeuwigheid {tegenstem} 
Je kunt lachen, je kunt klagen, 
Maar elke dag ben je voor eeuwig kwijt. 

Je hebt zo'n 26 duizend dagen, {tegenstem} 
Tussen niets en eeuwigheid. Eeuwigheid {tegenstem} 
Je kunt lachen, je kunt klagen, 
Maar elke dag ben je voor eeuwig kwijt. 
Voor eeuwig kwijt!